Spreeuwen voeren mooi schouwspel op

Nieuws

WIJNGAARDEN - Een tiental vogelaars van vogelwerkgroep De Alblasserwaard telde afgelopen week bij het schemeren de massale binnenkomst van spreeuwen bij een slaapplaats in de Hoge Boezem van de Overwaard, in Nieuw-Lekkerland.

De spreeuwen maken al enkele jaren gebruik van de slaapplaats in de Hoge Boezem. Dat het om enorme aantallen gaat zal niemand ontkennen. Inwoners van Nieuw-Lekkerland en Streefkerk kunnen erover meepraten want zij zien elk najaar grote hoeveelheden spreeuwen elke avond over hun dorp vliegen. Hoeveel het er precies zijn was tot voor kort nog nooit onderzocht. Drie weken geleden, op vrijdagavond 26 oktober, is door de vogelwerkgroep van Natuur- en Vogelwacht De Alblasserwaard de eerste telling gehouden. Ongeveer op elke windrichting werd een strategisch telpunt ingericht. In totaal werden vier telpunten bemand. Per punt stonden tenminste twee tellers. De tellers noteerden alle groepen spreeuwen die naar de slaapplaats kwamen vliegen. Ieder telpunt had daarbij een baan waarbinnen de spreeuwen geteld mochten worden. Dat het een succes was bleek wel uit het gigantische aantal dat werd geteld: maar liefst 125.600 spreeuwen verzamelden zich die avond. De trek van de spreeuw was echter rond die datum nog niet op haar hoogtepunt. Volgens schattingen lag dit jaar de piek rond 1 november. Om het beeld compleet te krijgen is er afgelopen zaterdag opnieuw een telling verricht. Er werd op dezelfde plaatsen en op dezelfde manier geteld. Zoals verwacht werden er minder spreeuwen geteld dan tijdens de telling eind oktober. Toch werd er nog een respectabel aantal van 91.400 exemplaren geteld. De meeste spreeuwen kwamen uit de Krimpenerwaard (66.000). Tijdens de telling van 26 oktober werden de meeste spreeuwen uit de oostelijke richting van de Alblasserwaard waargenomen (bijna 67.000). Nu telden de tellers uit die richting slechts 10.000 spreeuwen. Een enorme groep van 15.000 exemplaren was de grootste groep die tijdens deze twee tellingen is waargenomen.

‘Lastig karwei’

Het tellen van spreeuwen is volgens Anthonie Stip van de werkgroep geen eenvoudig karwei: “De vogels vliegen vaak in grote en compacte groepen en volgen elkaar in hoog tempo op. We maken dan ook gebruik van schattingen. De methode is vrij simpel, maar enige oefening is wel vereist. Als een groep spreeuwen komt aanvliegen neem je afhankelijk van de groepsgrootte een klein deel van de groep. Je telt razendsnel vijftig of bij grote groepen honderd spreeuwen en kijkt hoe vaak deze groep in het geheel past. Aan de hand daarvan kom je op redelijk betrouwbare schattingen. Enige ervaring is vereist. Gelukkig gebruiken alle tellers die meededen deze manier wel vaker. Het beeld wat door de telling is verkregen komt daarom redelijk goed overeen met de werkelijkheid.”

Hij vervolgt: “Naast het feit dat we nu eindelijk weten hoeveel spreeuwen er in de Hoge Boezem slapen is het ook een erg mooi gezicht de massale wolken spreeuwen boven de Overwaard te zien zwermen. Een wolk spreeuwen die alle mogelijke vormen aanneemt bij een ondergaande zon is een erg sfeervol gezicht. Met z’n allen maken ze er een mooi schouwspel van. We hebben genoten.”

advertentie
advertentie