Delta: ‘We hebben niets te verbergen’

Nieuws

,,We hebben niets te verbergen.” Janse zegt het jammer te vinden dat nooit iemand uit Sliedrecht (‘noch de stichting noch dominee Tanghé’) de moeite heeft genomen de veelbesproken en vooral veelbekritiseerde asbeststort met eigen ogen te bekijken. ,,Ze zijn van harte welkom. We laten ze graag zien hoe het afval wordt aangeleverd en hoe het wordt gestort. Wat ik al zei: we hebben niets te verbergen.”

SLIEDRECHT - Een deel van Sliedrecht stond eind vorig jaar paraat. Om te voorkomen dat de provincie het werkplan van Delta Milieu B.V., de exploitant van afvalberging Derde Merwedehaven, om onverpakt asbest te storten zou goedkeuren werd een burgerinitiatief opgezet. Het stokje wordt nu overgenomen door de politieke partijen, die unaniem van mening zijn dat de Derde Merwedehaven haar deuren moet sluiten als in 2012 de vergunning afloopt. Delta probeert op zijn beurt zijn recht te krijgen via de Raad van State en de Awb-commissie van de provincie Zuid-Holland. ,,Logisch toch als je vindt dat je onterecht wordt behandeld”, zegt Jan Janse, die leiding geeft aan diverse afvalbergingen van Delta. Het bedrijf nodigde Het Kompas uit een kijkje te nemen op de stortplaats. Met name bij het compartiment waar asbest wordt gestort. Door Erik de Bruin

Na een bakje koffie stappen Janse en bedrijfsleider Kees Oranje in een terreinwagen om de afvalberg op te rijden. De journalist mag op de passagiersstoel plaatsnemen. Het bezoek is afgestemd op het moment dat een truck met asbestzakken - ook wel big bags genoemd - naar boven rijdt richting het compartiment waar in de loop der jaren al honderden zakken zijn gestort. Daarvan is overigens niet te zien want ze zijn allemaal afgedekt met zogeheten shredderafval ofwel restafval van samengeperste autowrakken. Als de big bags worden gestort - of beter gezegd geplaatst want ze worden neergelegd - is duidelijk te zien dat er stof ontstaat. Mensen die vanaf de andere kant van de rivier een stofwolk waarnemen hoeven volgens Oranje niet bevreesd te zijn. ,,Het is warmte die vrijkomt uit het afdekkingmateriaal. Van asbestemissie is geen sprake. Alle maatregelen die we op de stort nemen zijn erop gericht het vrijkomen van asbestdeeltjes te voorkomen. Uit metingen is nooit gebleken dat ook maar één asbestvezel in de lucht is gekomen.”

Oranje wijst op een wagen aan de andere kant van het compartiment. In de auto zit een man die alles nauwkeurig gadeslaat en dat volgens de bedrijfsleider bij elk stort doet. Zodra de big bags worden gedropt worden ze besproeid. Janse: ,,In feite hoeft dat alleen als een zak zou scheuren. Wij nemen extra voorzorgsmaatregelen. De zakken hoeven bijvoorbeeld niet meteen te worden afgedekt. Toch doen we dat omdat we mensen niet het gevoel willen geven dat hier veel asbest ligt.”

‘Beproefde manier’

De hobbelige reis wordt vervolgd. Oranje besluit nog een stukje verder te rijden. Om te laten zien dat aan het eind van de stortplaats nog een ruim depot over is om losse bulkstromen te verwerken. Hier had de asbesthoudende grond gestort kunnen worden die in Oudekerk aan de IJssel is gesaneerd. De provincie heeft daar echter, zoals in heel Sliedrecht bekend zal zijn, een stokje voor gestoken door het werkplan van Delta af te keuren. De provincie wil, onder druk van de publieke opinie, niet dat asbest onverpakt wordt gestort. ,,Maar wat is nu onverpakt en wat is verpakt?”, haalt Oranje een in zijn optiek belangrijk aspect aan. ,,In de regelgeving staat niet wat verpakt betekent. Wel wat het doel is, namelijk: dat er geen asbestvezels vrijkomen.”

,,Daar durf ik mijn handen voor in het vuur te steken”, haakt zijn leidinggevende in. ,,Zoals we de losse bulkstromen hadden willen storten is vrij van risico’s. Er hebben specialisten en instanties naar gekeken. Bovendien is het een beproefde manier die in heel Nederland gebeurt. Wij hebben het op deze wijze nog nooit gedaan omdat asbest altijd in zakken wordt aangeleverd. In dit geval is om efficiencyredenen besloten de asbesthoudende grond - wat een aanmerkelijke lagere concentratie heeft dan bijvoorbeeld dakplaten die van asbest zijn gemaakt - als bulk van de saneringslocatie af te voeren. Het werd op deze manier aangeboden waarbij we hebben gekeken of we het op verantwoorde wijze kunnen storten. Wat in ons werkplan staat vermeld kan je het best omschrijven als een alternatieve manier van verpakken. Om de asbesthoudende grond zit een laag natte papierpulp. Zodra het wordt gestort wordt het via een douchegordijn nat gehouden zodat het niet kan verstuiven. Hierdoor komen net als bij de big bags geen asbestdeeltjes vrij.”

Oranje: ,,Als het is gestort wordt het meteen afgedekt met tien centimeter grond. Wanneer het hele saneringsproject klaar is komt er nog eens dertig centimeter overheen om te voorkomen dat het asbest boven de grond komt.”

Maanpakjes

Janse neemt het laatste woord: ,,Dat in Sliedrecht onrust is ontstaan vind ik heel begrijpelijk. Wat ik wel jammer vind is dat gaandeweg een sfeer is ontstaan dat alles wat hier gebeurt niet goed is. Dat onze medewerkers in maanpakjes rondlopen, zoals door een milieuadviseur van de gemeente Sliedrecht wordt beweerd, is onzin. Als het voor onze medewerkers verantwoord is, is dat het ook voor de omgeving. Je denkt toch niet dat Arbeidsinspectie en andere instanties niet aan de bel trekken als er enig gevaar is voor de omgeving. We zitten pal naast een recreatiegebied. We kunnen het van alle kanten niet maken dat we ons werk niet goed doen. Wat we hier doen is veel minder risicovol dan wat op een saneringslocatie gebeurt. Voor het wegwerken van asbest is geen alternatief. Zoals wij het doen is een heel adequate manier. Alles wordt gecontroleerd. De handhaver van de provincie komt hier regelmatig en loopt alles na. Via de Raad van State en de adviescommissie van de provincie hopen we ons recht te halen.”

advertentie