
Van hier en daar, van overal: IJs en weder dienende...
1 januari 2026 om 10:54 ColumnKort geleden hadden we een periode met vriezend weer. Zelfs overdag bleef de temperatuur net onder nul. Op dat moment kwam deze Nederlandse uitdrukking in gedachten, het betekent ‘als het meezit en de omstandigheden gunstig zijn, kunnen we misschien wel schaatsen’. Op tv zagen we beelden van schaatsers op natuurijs van enkele centimeters dik. Met de inzet van vele vrijwilligers werd de natuur een handje geholpen en het is prima gelukt. Het gebeurde in Winterswijk, mogelijk heeft zo’n naam er ook wel invloed op.
Vorig jaar beste lezer, werd door een van de leden van de Historische Vereniging Sliedrecht begonnen met een nieuwe rubriek onder de naam ‘Van hier en daar, van overal’. Tot nu toe zijn in het jaar 2025 vijftig verhaaltjes gepubliceerd, steeds op de laatste pagina van Het Kompas, editie Sliedrecht. De rubriek is in de plaats gekomen van ‘Sliedrechts dialect’. In een tijdsbestek van 39 jaren verscheen elke week een kort verhaal, geschreven in origineel ‘Slierechs Diëlect’. De bron voor het aanleveren van de dialectverhaaltjes begon min of meer op te drogen. Mensen die het Sliedrechts dialect kunnen spreken, naast de Nederlandse taal, zijn eigenlijk twee-talig. Het spreken van een streekdialect is al langere tijd aan het afnemen, zowel in Sliedrecht als in andere delen van Nederland. Zelfs in België wordt gezegd dat de liefde voor het Vlaams aan het afnemen is. Daar staat weer tegenover dat de Friezen van plan zijn teksten op verkeersborden naast het Nederlands ook in de Friese taal te gaan vermelden.
SLIEDRECHSTE GESCHIEDENIS EN LOKALE CULTUUR
In overleg met de Sliedrecht-redactie van Het Kompas zijn we op het idee gekomen met korte verhalen te beginnen onder de naam ‘Van hier en daar, van overal’ in de Nederlandse taal. Het zijn teksten van uiteenlopende aard die te maken hebben met gebeurtenissen in Sliedrecht of daar aan gerelateerd. Soms een stukje historie en dan weer iets geheel anders. Er worden ook wel eens zaken toegelicht die te maken kunnen hebben met de lokale cultuur, zoals het Sliedrechts Museum, het Nationaal Baggermuseum, de Historische Vereniging Sliedrecht of de Genealogie Vereniging De Stamboom. Begrijpelijk, want deze instellingen werken samen op het gebied van vastleggen van het heden en verleden in de breedst mogelijke zin. Wie in Sliedrecht woont, zou zou eigenlijk één of twee keer, of meer, per jaar de beide musea behoren te bezoeken. De mensen die dit wel doen zeggen vrijwel altijd: ‘Nooit geweten dat het zo interessant is’. Of: ‘Zo leer je nog eens wat over het dorp waar je woont’. Denk ook eens aan het historisch onderzoek van de herkomst van familie.
U zult ervan opkijken als u eens een praatje gaat maken met de mensen van De Stamboom.
Hetzelfde geldt voor de Historische Vereniging Sliedrecht (HVS). Van De Stamboom en de HVS kunt u ook lid worden, waarmee u uw horizon verbreedt. Neem vast eens een kijkje op een van de websites, gemakkelijk te vinden door de betreffende naam in te toetsen.
‘T SCHRIJVERKE
In het nieuwe jaar 2026, wordt opnieuw gestart met een wekelijks artikel, we gaan het in ieder geval proberen. Onderwerpen als religie of politiek laten we buiten beschouwing. De verhalenverteller publiceert onder de naam ‘t Schrijverke, een naam die ontleend is aan de Vlaamse dichter Guido Gezelle, hij leefde van 1830 tot 1899, geboren en getogen in de mooie oude stad Brugge. Een van zijn gedichten draagt de naam ‘t Schrijverke, het gaat over een waterkever die vroeger voorkwam in sloten en over het water bewoog, alsof het iets wilde schrijven op het water terwijl het opzoek is naar voedsel. Het gedicht bestaat uit 44 regels, waarvan de eerste vier luiden:
O krinklende winklende waterding,
met ‘t zwarte kabotseken aan,
wat zien ik toch geren uw kopke
flink al schrijven op ‘t waterke gaan!
Bij het vak literatuur, voortgezet onderwijs, kwam ondermeer dit gedicht van Guido Gezelle aan de orde waarbij een van de leerlingen werd gevraagd het gedicht, staand voor de klas, voor te dragen. Dat lukte niet altijd met evenveel succes. Voor de klas staan terwijl iedereen naar je keek en dan ook nog eens een gedicht opzeggen in de Vlaamse taal, was voor een jonge tiener een kwellling.
Het water in de sloten van de jaren vijftig, vorige eeuw was zo schoon dat het vrijwel drinkbaar was. Hierdoor kon de waterkever naar hartenlust de sierlijke beschrijvingen op het water maken. Waar die waterkevers gebleven zijn is onbekend. Waarschijnlijk zijn ze ten onder gegaan aan overbemesting, de over het land uitgestrooide pesticiden en verwaaide stoffen als pfas.
Volgende week volgt weer een verhaaltje over Sliedrecht. Een nieuw jaar in vrede en goede gezondheid wordt u toegewenst.
‘t Schrijverke















