
Sliedrecht in oorlogstijd - Het einde van de gemeenteraad?
21 februari 2025 om 17:23 HistorieSLIEDRECHT Alles wat er tijdens de vergaderingen in de Eerste en Tweede Kamer wordt gezegd, wordt woord voor woord opgeschreven en vastgelegd in schriftelijke verslagen, ook wel de Handelingen genoemd. Al deze Handelingen worden vervolgens in boekvorm ingebonden en opgeslagen in de Handelingenkamer van de Tweede Kamer. Van de allereerste vergadering van 2 mei 1814 tot aan nu. Maar tussen al die rijen aan rijen boeken is er 1 plank leeg gelaten. En dat is de plank waarop de Handelingen van de vergaderingen tussen 1940 en 1945 hadden moeten staan. Deze lege plank staat symbool voor de bezettingsjaren waarin er niet vergaderd kon worden, doordat de democratie door de Duitse bezetter was afgeschaft en zodoende de stem van het volk niet gold.
door Laurens Koppelaar
Ook van de gemeenteraadsvergaderingen in Sliedrecht worden verslagen gemaakt, al hebben wij geen Handelingenkamer waarin alle verslagen van de gemeenteraad staan opgesteld en dus ook geen lege plank. Maar misschien is het wel een mooi idee om dat alsnog te realiseren, nu het Raadhuis grondig gerenoveerd gaat worden, als een zichtbaar symbool van onze lokale democratie waarin gekozen gemeenteraadsleden de stem van hun kiezers vertegenwoordigen en de besluiten genomen worden nadat alle gekozen gemeenteraadsleden daar hun inbreng over hebben kunnen doen.
26.000 inwoners, 26.000 (verschillende) meningen. 10.000 inwoners, 10.000 (verschillende) meningen. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 14 juni 1939 was de SDAP in Sliedrecht de grootste geworden gevolgd door de ARP, de Liberalen, de SGP en de CHU. De coalitie werd gevormd tussen de SDAP en de ARP en A. W. de Landgraaf en L. van der Wiel werden de wethouders.
Maar in het op 12 augustus 1941 uitgegeven Verordeningenblad voor het bezette Nederlandsche gebied maakte de Duitse bezetter bekend dat de gemeenteraden werden afgeschaft. Zo staat er in artikel 1 van afdeeling 1 van de achtste verordening: “De werkzaamheden van de gemeenteraden en van de Provinciale Staten blijven rusten; verkiezingen voor deze vertegenwoordigende lichamen vinden niet plaats.”
Dit ging in per 1 september 1941. En dus kwam op de gemeenteraad op zaterdag 30 augustus 1941 om 19.15 uur voor het laatst in vergadering bijeen, niet wetende of en zo ja wanneer de lokale democratie in ere hersteld zou worden. In deze vergadering werd eerst nog gesproken over aankoop van grond voor de dijkverbreding, het verlenen van krediet voor een gymnastieklokaal in school 1 en over loonsverhoging van het gemeentepersoneel.
Aan het einde van de vergadering werd er stilgestaan dat dit voorlopig de laatste vergadering was. Zo zei burgemeester Popping: “Nu wij dus thans staan voor een afscheid, meen ik te spreken namens de inwoners van Sliedrecht, als ik u hartelijk dank zeg voor al het werk, hetwelk gij als raadslid hebt verricht, het werk, waaraan vooral de laatste decennia zoo duidelijk getuigenis aflegt. En “Dat het onze gemeente, onze ingezetenen, u allen, goed moge gaan tot in lengte van dagen, is mijn oprechte wensch.” Hierna namen nog enkele raadsleden het woord. Zo ook raadslid De Koning die onder ander zei: “Nu wij ophouden lid van den raad te zijn, zullen wij een beetje vreemd daartegenover komen te staan. Dit wordt ons echter door de bezettende macht opgelegd en daar hebben wij ons in te schikken.” Daarnaast bedankt hij de burgemeester voor wat hij voor de gemeente gedaan heeft en sprak hij de hoop uit dat hem kracht van Boven zal worden gegeven om onder deze moeilijke omstandigheden zijn zeer verantwoordelijke werk te kunnen doen en nog tot welzijn van de gemeente werkzaam te kunnen zijn.
Na de oorlog werd er op 20 oktober 1945 een tijdelijke gemeenteraad gevormd en pas op 26 juli 1946 konden de Sliedrechters weer hun stem laten horen bij de gemeenteraadsverkiezingen. Hierbij werd de SDAP wederom de grootste gevolgd door de SGP, de ARP, de CHU en de Liberalen.






