
Mondelinge politieke vragen AZC
29 juli 2026 om 06:51 PolitiekSLIEDRECHT De nieuwe coalitie in Sliedrecht probeert Jan Pieter Verweij, die namens de SGP-ChristenUnie ‘lastige vragen’ stelt, met een kluitje in het riet te sturen, zo meldt Jan Pieter Verweij. Maar raadslid Verweij stelde daarover politieke vervolgvragen.
,,De nieuwe coalitie had dit kunnen zien aankomen. Toen Verweij raadslid was binnen de coalitie legde hij wethouder Spek het vuur aan de schenen met vragen over de financiën van de voetbalvereniging. Wethouder Bijderwieden werd door middel van mondelinge vragen stevig bevraagd in de raadzaal op zijn onwillige houding om mee te tekenen met een Pfas-motie op het VNG-congres.” Jan Pieter Verweij stelde op 20 juli jl. schriftelijke politieke vragen nadat bewoners van de wijk “De Oude Uitbreiding” in een krant een interview met de coalitieleider konden lezen, waarin werd gesteld dat er een AZC met 127 plaatsen in hun wijk komt. ,,Omdat hier volstrekt geen participatie voor heeft plaatsgevonden, en omdat via de krant een dergelijk besluit communiceren wel heel bijzonder is, is er bij het behandelen van deze vragen gevraagd om spoed. Daarbij speelt ook een rol dat het reces is, en mondelingen vragen in de raad dus niet mogelijk zijn. Op 24 juli jl. bereikte de SGP-ChristenUnie een “uitstelmemo”. Naar aanleiding daarvan heeft de fractie van de SGP-ChristenUnie de volgende vervolgvragen.”
1. Is het college bewust van het verzoek om de op 20 juli gestelde politieke vragen met spoed te behandelen? 2. Ziet het college de noodzaak om helderheid en duidelijkheid te bieden aan de inwoners van de wijk de Oude Uitbreiding? 3. Hoe moet het verzonden uitstelbericht worden gezien in het licht van de aanpassingen aan het reglement van orde van de raad, op 7 juli jl. waarbij de raad op aangeven van de huidige coalitie heeft besloten om de reactietermijn op schriftelijke vragen met een week te verkorten. 4. Hoeveel uitstelberichten en uitstelmemo’s zijn er sinds die aanpassing op 7 juli reeds verzonden. 5. Zou dit geen aanleiding moeten zijn om de verkorting van de reactietermijn weer terug te draaien?












