Bisschop Gerard de Korte: ,,In de grote christelijke gemeenschap borrelt het aan alle kanten."
Bisschop Gerard de Korte: ,,In de grote christelijke gemeenschap borrelt het aan alle kanten." Bisdom ‘s-Hertogenbosch

‘We zitten niet ­opgesloten in ons leven’

Geloof & Zingeving

SLIEDRECHT Over de stand van zaken in de kerken in Nederland wordt veel gesomberd. Maar welke positieve tendensen staan er tegenover krimp en kerksluitingen? Bisschop Gerard de Korte van ’s-Hertogenbosch vertelt welke vernieuwingen hem hoopvol stemmen als hij aan de kerk van de toekomst denkt.

Op een zomerse middag lijkt de coronacrisis op de Parade van ‘s-Hertogenbosch ver weg. In de schaduw van de magnifieke Sint-Janskathedraal zitten de terrassen vol. Terwijl vakantiegangers nog een koud drankje bestellen, wordt er in het bisschoppelijk paleis aan het plein hard gewerkt. Dit is het kantoor van het grootste bisdom van Nederland met zo’n miljoen geregistreerde gelovigen. Daarnaast is het de woning van bisschop Gerard de Korte, die hier sinds 2016 zetelt. De Korte (65) ontvangt mij in zijn werkkamer annex woonkamer, de wanden omgeven door een indrukwekkende collectie boeken. Op tafel staan fotolijstjes, prominent vooraan een portret van paus Franciscus. ,,Ik ben enthousiast over hem”, vertelt De Korte, terwijl hij thee inschenkt.

Dit artikel is een samenwerking met onze mediapartner Volzin. Meer van dit soort artikelen zijn te lezen op onze website in de rubriek Mijn Leven/Geloof & Zingeving.

Bisschop De Korte staat bekend om zijn open en uitnodigende houding. Als referent Kerk en Samenleving is hij woordvoerder namens de Nederlandse bisschoppenconferentie als het gaat om maatschappelijke en politieke vraagstukken. Toen VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff twee jaar geleden bekendmaakte uit de katholieke kerk te stappen na uitspraken door kardinaal Eijk, nodigde De Korte hem uit voor een ‘kop koffie en een Bossche bol’ om in gesprek te gaan. In 2017 zou De Korte in de Sint-Janskathedraal in een oecumenische lhbt-gebedsdienst voorgaan. Die ging uiteindelijk niet door na interne ophef over de viering. De Korte schreef een open brief waarin hij omschreef waarom het afblazen nodig was. ‘Omwille van de eenheid binnen het bisdom meen ik niet anders te kunnen.’

We moeten dus in een krimpende context missionair zijn, dat is niet altijd makkelijk

Dat de katholieke kerk, net als vele andere kerken in Nederland, moeilijke tijden beleeft, moge duidelijk zijn. Krimp, kerksluitingen en kritiek op kerkelijke keuzes zijn een constante. Maar hoe kijkt bisschop De Korte naar de kerk van de toekomst? Wat zijn de vernieuwingen die hem hoopvol stemmen?

Er wordt veel gesomberd als het om de toekomst van de kerk in Nederland gaat, waar wordt u enthousiast van? 

,,Allereerst wil ik zeggen dat het sombere voor een deel te begrijpen is, ik wil daar niet aan voorbijgaan. Bijna alle christelijke kerken krimpen, met uitzondering van de evangelische kerken. We moeten dus in een krimpende context missionair zijn, dat is niet altijd makkelijk. Die krimp moet toch op één of andere manier gemanaged worden. Dan heb je te maken met kerksluitingen, fusies en ingewikkelde zaken die mensen verdrietig maken. Tegelijk willen we hoopvol, missionair pastoraat beoefenen.”

Wat is een voorbeeld van hoopvol missionair pastoraat?

,,Wij hebben als bisdom ’s-Hertogenbosch een aantal dingen waar we op inzetten, zoals het familie- en gezinspastoraat. Niet hemelbestormend, wel belangrijk. Veel van onze geloofsgemeenschappen zijn omgekeerde piramides geworden. Aan de onderkant is er weinig jong volk, aan de bovenkant zijn veel ouderen. Wil je nieuw elan krijgen, dan zul je moeten proberen nieuwe mensen te binden. Enkele duizenden ouders vragen ons nog altijd om een doopsel, eerste communie of vormsel voor hun kind. Wij willen die ouders helpen om kinderen ook thuis in het christelijk leven in te wijden. Vandaar dat hier in het bisdom een team van drie dienstverleners komt voor familie- en gezinspastoraat. Rijkere parochies hebben de mogelijkheid om zelf een extra pastorale kracht aan te trekken, die zich specifiek inzet voor die gezinnen.”

Het is tegenwoordig regelmatig zo dat de ouders die hun kinderen laten dopen zelf weinig meegekregen hebben van het geloof

Spreekt u wel eens met gezinnen die kun kind alleen willen laten dopen in de kerk? Hoe komt het dat ze verder geen behoefte hebben aan de kerk?

,,Die wens om te dopen is deels natuurlijk traditie. Dat hoort hier in Brabant bij het volkskatholicisme. Wij zeggen ook niet dat dat niet mag, alleen je zou kunnen zeggen: die sacramenten zijn bedoeld als een inwijding en een weg die naar de omgang met Christus leidt. Alleen is het regelmatig zo dat de ouders die hun kinderen laten dopen zelf weinig meegekregen hebben van het geloof. Ze voelen zich onmachtig, dat is wat we horen. We willen daarom een soort huisliturgie aanbieden, zodat ouders met kinderen samen kunnen bidden en uit de Bijbel lezen. Of een kruisje op het voorhoofd leren maken, van die kleine momenten dat even God bij het kind betrokken wordt. Opa’s en oma’s kunnen hier ook een rol in spelen. En ik stel de vraag: hoe kun je kinderen leren dat het geen kleine prinsjes en prinsesjes zijn? Dat ze leren dat het leven niet alleen om henzelf draait, maar om het leven samen met anderen?”

Deze mensen zien dat uitgestippelde pad misschien niet meteen voor zich?

,,Misschien niet. Ik denk dan ook aan de meer fundamentele vraag: waarom is de kerk er? Ik refereer graag aan John Henry Newman, de Engelse bekeerling die in 1845 tot de kerk toetrad. Van hem is de prachtige uitspraak: christianity is a relationship. Het gaat mij niet primair om allerlei leerstellingen en regels, het gaat om de omgang met God, met Christus, met elkaar. En ik snap wel dat dat een hele weg is, om dat te ontdekken. Toch hoop ik dat het ons lukt om mensen op die weg te begeleiden.”

,,Ik ben van huis uit kerkhistoricus. Er is door de kerkelijke geschiedenis heen altijd een gradatie in de participatie geweest. We hebben al zo’n dertien tot veertien eeuwen het christelijk geloof hier. Natuurlijk hoop ik dat er ook nu volgelingen van Christus blijven die vreugde en hoop vinden in het geloof, en een bijdrage leveren aan de samenleving. Wat daarbij kan helpen is dat er in het christendom altijd al een missionaire drive zit.”

(de tekst gaat onder de foto verder)


,,Het begrip ­ontvangen kan ook in 2020 ­levensverrijkend zijn.” - Bisdom ‘s-Hertogenbosch

Er is een aantal nieuwe missionaire initiatieven zoals Space for Grace, van het fonds Porticus. Zij steunen projecten als het Oecumenische stiltecentrum in Utrecht, The Missionary school voor jongeren die willen groeien in geloof en Nieuw Sion in Diepenveen, een modern klooster met een getijdengemeenschap. Hoe kijk u daarnaar? 

,,Porticus wil allerlei plekken van hoop, van nieuw christelijk leven financieren, en dat is positief. De gedachte daarachter is heel mooi. Als dit soort projecten bijdragen aan de missionaire kerk, dan is het fijn dat er een fonds is wat dit mogelijk maakt.”

Zou de kerk dit soort projecten niet op veel grotere schaal zelf moeten steunen? Nieuwe vormen van kerkzijn uitproberen buiten de bestaande kerk, zoals de protestanten pionieren?

,,In de grote christelijke gemeenschap borrelt het aan alle kanten. Er zijn betrokken christenen van katholieke of protestantse huize, die zeggen bijvoorbeeld als zo’n klooster zoals in Diepenveen leegkomt: we gaan hier op een nieuwe manier een leefgroep beginnen. Die vernieuwing zou heel goed vanuit de bestaande kerk kunnen plaatsvinden – en feitelijk is dat ook wat gebeurt. Ik ken bijvoorbeeld Peter Dullaert, die een rol speelt in Nieuw Sion, hij was pastoraal werker in Deventer. Veel van die initiatieven worden gestart door mensen die onderdeel zijn van de christelijke gemeenschap. Dus dat verschil tussen ‘binnen’ en ‘buiten’ de kerk, zie ik niet zo.”

Natuurlijk moet de kerk geen museum worden, we zijn geen museumbeheerders. De Sint-Jan is een groot cultuurgoed, maar in eerste instantie is het een kerk, waar iedere dag gevierd en gebeden wordt.

Ik sprak voor Volzin vorig jaar met katholiek theoloog René Grotenhuis over zijn boek ‘Zout, De blijvende kracht van de christelijke traditie’. Hij schrijft: ‘Het christendom is geen geloof van het verleden, maar van de toekomst, het is er niet om het bestaande in stand te houden, maar om ruimte te maken voor Gods toekomst.’ Bent u dat met hem eens? 

,,Dat weet ik niet zo goed. Volgens mij ga je vanuit de traditie naar de toekomst. Maar dat zal mijn blikvernauwing zijn. Ik ben bisschop van een bestaand bisdom en ik moet de organisatie die gegroeid is, voor de toekomst gereed maken. Ik kan moeilijk zeggen: we beginnen opnieuw. We hebben al een kerk! En natuurlijk moet de kerk geen museum worden, we zijn geen museumbeheerders. De Sint-Jan is een groot cultuurgoed, maar in eerste instantie is het een kerk, waar iedere dag gevierd en gebeden wordt. Natuurlijk moet ik niet in het verleden blijven hangen. Maar ik kan niet, en misschien word ik daar als bisschop in zekere zin wel door geremd, de bestaande organisatie zomaar loslaten.” 

Dat begrijp ik. Maar u bent misschien ook verantwoordelijk voor waar u in investeert richting de toekomst?

,,Dat klopt, en zo investeren we in familie- en gezinspastoraat en in diaconale projecten zoals de straatpastoraten in Eindhoven, Den Bosch en Helmond. Dat zijn vaak oecumenische projecten. En wij hebben in ons bisdom een aantal parochies dat werkt met de vernieuwende methode van de Canadese priester James Mallon, van het boek Als God renoveert. Een aantal pastores is daarvan onder de indruk, anderen helemaal niet. Maar we stimuleren de pastorale teams die enthousiast zijn over deze methode. Mallon roept de vraag op: hoe kun je als parochie echt weer dynamisch worden, in plaats van alleen op de winkel te passen? Daarin is het begrip gastvrijheid belangrijk. Ik heb weleens gehad, in de pre-corona tijd, dat er na de mis koffiedrinken was, en iedereen had een vaste plek aan de tafeltjes. Een nieuwkomer wilde aanschuiven, maar hoorde: ‘Nee meneer, daar zit onze vriendin.’ Dat heeft veel te maken met die openheid.”

Je hoeft geen christen te zijn om te erkennen dat de belangrijkste dingen van het bestaan niet zelfgemaakt zijn

In 2021 breekt het Jaar van het Brabants kloosterleven aan, verschillende kloosterordes vieren hun jubileum. Sowieso is er veel aandacht voor het ‘monastieke geloven’. Hoe verklaart u die belangstelling?

,,Ja het is mooi dat de kloosters zo in de belangstelling staan. Dat heeft misschien te maken met onthaasten, met slow-life. Het zijn begrippen die in onze cultuur niet zo populair zijn. We moeten tegenwoordig allemaal assertief zijn, aan zelf-realisatie werken. Onze cultuur is gericht op het leven in de greep houden door middel van wetenschap en techniek. Terwijl in de christelijke traditie juist het ontvangen zo belangrijk is. Je hoeft geen christen te zijn om te erkennen dat de belangrijkste dingen van het bestaan niet zelfgemaakt zijn. Je eigen leven heb je van je ouders gekregen, en ook zaken als vriendschap en liefde… dat krijg je geschonken. Ik denk dat het begrip ontvangen nog steeds levensverrijkend kan zijn, ook in de cultuur van vandaag, voor christenen van 2020.”

Naast kloosters is er ook veel interesse voor rituelen. Zo wordt Allerzielen op verschillende manieren beleefd. Dit jaar is er bij de Abdij van Berne in Heeswijk-Dinther weer het kunstproject ‘Alle Zielen’. Wat zegt dit soort aandacht voor rituelen over de toekomst van de kerk?

,,De KRO doet dat ook hè, via de televisie stelt de omroep dan de vraag: voor wie steek jij een kaarsje aan? Ik ben er dankbaar voor dat die mogelijkheden er zijn. De rituelen komen natuurlijk in de meest expliciete vorm terug in de liturgie van de kerk. En voor de kerk is het een kwestie van creativiteit om daar mensen bekend mee te maken. Jongere priesters proberen gelukkig ook games en sociale media in te zetten om nieuwe mensen te bereiken. We hebben het belang van digitale vernieuwing gemerkt tijdens de coronacrisis. Ik heb elke ochtend een mis in de Sint-Jan waar zo’n dertig tot veertig mensen op af komen. Er is sinds corona een livestream, en via YouTube kijken daar dagelijks soms nog wel zo’n 150 andere mensen naar.” 

We hebben het belang van digitale vernieuwing gemerkt tijdens de coronacrisis

De katholieke kerk is natuurlijk heel internationaal. Wat zijn vernieuwende initiatieven in het buitenland, waarvan u zegt: dat is ook iets voor Nederland.

,,Er is een aantal nieuwe bewegingen, zoals Sant’Egidio, begonnen in Italië. Een frisse jonge beweging die gebed en liturgie belangrijk vindt, en tegelijkertijd helemaal op de diaconale vragen van deze tijd gericht is: inzet voor de armen, vluchtelingen. Ook in Nederland zijn er afdelingen van deze organisatie. Daarnaast ben ik enthousiast over onze paus. Als referent Kerk en Samenleving ben ik sinds 2015 bezig met zijn encycliek Laudato Si’. Daarin verbindt hij de grote vragen van de wereld met het katholiek sociaal leven. Het gaat dan om thema’s als gerechtigheid, vrede en de bescherming van Moeder Aarde. Ik zet me in Nederland in voor de verspreiding van dit gedachtegoed, bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid. Op kleine schaal probeer ik op te roepen: eet minder vlees, zorg dat er duurzame producten in de supermarkt komen. Op macroniveau hebben we slimme regelgeving nodig. Waarom niet milieubelastende activiteiten zwaarder belasten?”

Wat is uw droom voor de kerk?

,,Ik droom van een kerk waar mensen oriëntatie vinden bij het evangelie van Christus. In zijn onderwijs zitten zulke mooie elementen, van dienstbaarheid, van vergevingsgezindheid, van verzoening, van uitzicht op eeuwig leven. We zitten niet opgesloten in ons leven, dat vind ik belangrijk. Dat is een manier van geloven die ontspanning kan geven aan dit bestaan. Nee, het hoeft niet allemaal in het hier en nu te gebeuren.”

door Elleke Bal

Wat is Volzin? Volzin is een magazine voor religie en samenleving. Volzin beschrijft de levensbeschouwelijke diversiteit in Nederland en organiseert zingevende activiteiten als lezingen, thema-avonden, boekprojecten en een jaarlijkse schrijfwedstrijd. Kijk voor meer informatie op www.volzin.nu

advertentie
advertentie