SLIEDRECHT - Hoewel Kees van Vuuren (61) schilderen eigenlijk voornamelijk associeerde met ziekte, werkeloosheid of andere lange periodes thuiszitten, is het toch een echte passie geworden. ,,Toen ik werkte, waren er jaren waarin ik geen kwast aanraakte. In andere periodes was er ruimte voor schilderen. En ik heb toch de vruchten daarvan geplukt. Het is voor mij een inspannend rustgevend gebeuren. Als ik eenmaal bezig ben, vergeet ik alles. Ik kan niet stoppen.” Inmiddels werkt Kees al een aantal jaren niet meer en is het schilderen, naast koperslagen en biljarten ‘gewoon’ een hobby voor hem geworden. ,,Als kind kwam ik er al achter dat ik iets beter kon tekenen dan mijn klasgenootjes. Een onderwijzer zag dat en leerde me allerlei foefjes om beter te leren werken.” Perspectief, afstand, kleurgebruik zijn de vaardigheden die hem dus al op de lagere school bijgebracht werden. Een kennis van zijn ouders adviseerde hen Kees door te laten gaan in dat vak en hem bijvoorbeeld een opleiding tot reclametekenaar te laten volgen. ,,Maar volgens mijn vader was daar geen droog brood in te verdienen en na de VGLO (VoortGezet Lager Onderwijs) moest ik op mijn vijftiende met een buurman mee die steenzetter was. Omdat je als steenzetter in de wintermaanden vaak in het vorstverlet zat, werd ik twee jaar later met een andere buurman, die loodgieter was, meegestuurd.” Dat werk heeft Van Vuuren tot de WAO volgehouden. Geen van de vier broers en zussen van Kees had aanleg voor tekenen en ook zijn eigen drie kinderen doen niets in die richting. ,,Mijn vader zei wel eens: Je oudste broer tekent bomen als bloemkolen.” Ook in de verdere familie zijn voor zover bekend geen schilders te vinden. ,,Ik heb wel een keer een plaatje van een schilderij dat gesigneerd was door een Van Vuuren uitgeknipt en bewaard, maar het is er nog niet van gekomen uit te gaan zoeken wie dat was.” Tot zijn vijftigste schilderde Kees vooral met plakkaat- en acrylverf. Ook tijdens cursussen die hij ruim twintig jaar geleden bij de Volksuniversiteit deed, werd daarmee gewerkt. Pas later maakte hij zijn eerste olieverfschilderij. ,,Met plakkaat en acryl werk je je een slag in de rondte. Het droogt ontzettend snel, dus er staat tijdsdruk op. Olieverf blijft veel langer bewerkbaar. Ook kun je dat weghalen met een doek terpentine of overschilderen. Om rust te krijgen werk ik dus met olieverf.” Van ‘op commando’ twee uurtjes per week creatief zijn moet Kees in ieder geval niet al teveel hebben. Vandaar dat hij geen cursussen volgt of in groepsverband schildert. Kees groeit langzaam naar een schilderij toe. ,,Ik maak foto’s, combineer plaatjes, zoek kleuren uit en zet klaar wat ik nodig heb. En als ik dan eenmaal bezig ben vergeet ik alles en ga door tot het bijna klaar is. Tussentijds stoppen werkt voor mij niet, ook omdat onderbrekingen niet goed zijn voor het kleurgebruik.” Als het doek bijna klaar is blijft het nog een paar dagen op de ezel staan en maakt hij het verder af. Daarna komt het in de woonkamer te hangen en wordt het soms nog een beetje bij gewerkt. Hoewel Kees al meerdere keren en tot tevredenheid over en weer in opdracht gewerkt heeft, doet hij dat niet zo graag. ,,Ik schilder het liefste naar eigen gevoel. Bij opdrachten heb ik constant in gedachten: Zouden ze dat wel mooi vinden?” Door de jaren heen heeft hij al aardig wat werken verkocht. De prijsbepaling hangt af van het gebruikte materiaal en hoe arbeidsintensief het was. ,,En voor mijn creativiteit mag ook wel iets betaald worden.” Wie mocht denken dat een echte Van Vuuren boven de bank onbetaalbaar is, vergist zich. Kees verkocht zijn doeken voor prijzen tussen de 75 en 200 euro. Wie regelmatig in De Reling komt, zal in de sociëteit en de vergaderkamer van de stichting ouderenwerk zijn schilderijen kunnen tegenkomen. Kees is bijna dagelijks in De Reling te vinden. Hij is penningmeester van een biljartclub, geeft dames biljartles en stoot ook zelf graag een balletje. ,,Toen de schilderijen die iemand anders in bruikleen gegeven had, weggehaald werden in verband met een tentoonstelling, werd mij gevraagd of ik de lege plekken aan de muur op wilde vullen. Dat vond ik wel leuk en zo af en toe wissel ik de doeken om. Ik heb er hierdoor al een paar verkocht. Thuis hangen de wanden vol, dus dit is een mooie oplossing.” Er zijn inderdaad op veel plekken in het gezellige huis van Kees en zijn echtgenote schilderijen te vinden en in het piepkleine atelier is de ruimte nogal beperkt. Met veel passen en meten is het gelukt er een bureau, een stoel, een kast en een ezel in te zetten. Er staan stapels schilderijen tegen de muur en aan de wand is een impressie van doeken uit de verschillende periodes uit het schildersleven van Kees te vinden. Een bosgezicht tussen andere landschappen. Stillevens met eierschalen en een zilveren koffie- en theepot, naast zeegezichten en doeken uit de ‘golven’ periode. “Als ik hier zit te schilderen ben ik helemaal weg en denk ik nergens aan.” Schilder Kees van Vuuren in zijn piepkleine atelier.