Geert van Dijk
Geert van Dijk Richard van Hoek Fotografie

One day in Bethlehem

Column

KERSTVERHAAL

In mijn leven ben ik één keer in Bethlehem geweest. Ongeveer een halve dag. Bethlehem, de stad waar ooit het Kerstkind Jezus is geboren, is vandaag de dag een stad van zo’n dertigduizend inwoners, zeg maar zoiets als Gorinchem. De bevolking is overwegend Arabisch, en voor een behoorlijk deel christelijk. Bethlehem ligt tien kilometer ten zuiden van Jeruzalem. Die ene keer dat ik daar rondliep, was in 2016. Het was mijn derde van vijf reizen door Israël. We vlogen met een groep toeristen via Istanbul naar Tel Aviv en brachten een week door in het land van de Bijbel. Een paar uren van die tijd waren we in Bethlehem. Maar dat had wel wat voeten in de aarde. Bethlehem ligt in Palestijns gebied en daarom moest de Joodse gids de bus uit. Vervolgens reden we met de bus door een zwaar beveiligd checkpoint. Uit het wegdek direct voor ons stak een lange rij metalen tyre killers. Deze gingen pas naar beneden nadat we door een veiligheidsbeambte waren gecontroleerd. ‘Hoezo vrede op aarde?’ ging er door mij heen. Direct voorbij het checkpoint viel ons allemaal de armoede op: ouwe auto’s, vervallen huizen, veel rommel op straat. Een groot verschil in welvaart met wat we in Israël inmiddels gewend waren. In Bethlehem kwam er een Palestijnse gids aan boord, Khalid. Een erg vriendelijke en leuke man. Khalid vertelde dat zijn naam eigenlijk de Arabische versie is van de Nederlandse naam Gerrit. Eerst werden we een restaurantje in gepropt, want het was lunchtijd. We waren wel toe aan een broodje falafel. Maar we kregen weinig tijd om het naar binnen te werken, want we werden in de naastgelegen souvenirwinkel verwacht. Een enórme winkel met heel veel van hetzelfde, vooral veel houtsnijwerk van olijvenhout. Prachtig! Tussen alle koopwaar ontdekte ik een sjofar. Dat is een hoorn, meestal een ramshoorn, waar je op kunt trompetteren. Maar deze was van een antilope. Die zijn bijna een halve meter lang en hebben de vorm van een kurkentrekker. Ik wilde daar graag eens op blazen en dus nam ik een hap lucht om aan te zetten. Die toeter moet er al heel lang gelegen hebben, want er zat een grote lading stof in. Ik heb me daar een tijd staan hoesten en proesten voordat ik weer wat kon zeggen. Tegelijk zag ik het prijskaartje en ik legde hem gauw weer weg. Die 250 euro viel buiten mijn budget. Dat zou wel héél veel afdingen worden.

Na de souvenirwinkel gingen we naar de Geboortekerk. Deze is meer dan 1400 jaar oud. Je moet bukken bij het binnenstappen. Ergens in die kerk is op de grond een zilveren ster bevestigd. Je kent het plaatje misschien, er hangen tientallen wierookvaten omheen. Volgens de overlevering zou dat de plek zijn waar Jezus is geboren. Maar niemand weet natuurlijk zeker wat de precieze plek is. Ik heb weinig met zulke plekken, ook al omdat mensen elkaar verdringen om ze op de foto te zetten. De kerk werd gerestaureerd, dus het was eigenlijk overal een rommel. Bovendien waren er allerlei processies op bepaalde tijden. Die worden gedaan door verschillende christelijke geloofstradities. Ze hebben elk hun eigen rituelen en gunnen elkaar niet veel ruimte; zo kwam het althans op mij over. Lopend door het grote gebouw, werden we plotseling vrij ruw door een man in een fluorescerend hesje gemaand: ‘Aan de kant! Er komt een processie aan’. Er kwam een colonne priesters voorbij, ze zongen een lied, deden hun ding en gingen weer weg. Daarna konden we verder lopen. Totdat even later een andere groep geestelijken onze weg blokkeerde. Het kwam op mij allemaal erg ongastvrij en bruut over. Onfatsoenlijk eigenlijk. Als je vol verwachting naar zogenaamde ‘heilige plaatsen’ gaat, dan valt het soms vies tegen. Wel was er ónderin de kerk een interessante ruimte waar Khalid ons mee naar toe nam. Weg van het rumoer van boven was hier een kleine kapel. We zongen als groep ‘Stille nacht’. Hier hadden we wat meer ruimte om het speciale van deze plaats binnen te laten komen in onze harten en gedachten. Khalid vertelde dat Hiëronymus op deze plek rond het jaar 400 tientallen jaren gewerkt heeft aan de Latijnse vertaling van de Bijbel: de Vulgata. Iedereen die Jeroen heet, is trouwens naar deze kerkvader vernoemd. Zo’n duizend jaar later was de Vulgata nog steeds de gezaghebbende vertaling in de Rooms-Katholieke Kerk. Zo’n gedachte vind ik dan wel weer mooi. Dat je daar dan op diezelfde plek bent. Via een trap gingen we terug naar boven. We kwamen op een soort binnenplein. Daar staat een standbeeld van Hiëronymus. Zoals wel vaker is hij ook hier afgebeeld met een doodskop aan zijn voeten. Die schedel moest hem eraan herinneren dat hij weinig tijd had om de Bijbel te vertalen. Hij beschouwde zijn werk als een heilige opdracht en als een race tegen de klok. Voor mij als reisbegeleider en voor Khalid als gids was het inmiddels hoog tijd om op onze klok te kijken. Want de groep werd tegen het diner in het hotel in Jeruzalem verwacht. Onder een brandend zonnetje liepen we terug naar de bus, waar we afscheid namen van Khalid. We reden nog langs de velden van Efratha, waar ooit een groepje herders engelen zagen. Verder hadden we, als we meer tijd hadden gehad, een bezoek kunnen brengen aan Rachels graf. De vrouw van de aartsvader Jakob liet namelijk in Bethlehem het leven. Er zijn trouwens meer Bijbelverhalen die zich afspelen in Bethlehem. Zoals dat van de buitenlandse vrouw Ruth, die Boaz op de dorsvloer ten huwelijk vraagt. Boaz zet zijn eigen bezit op het spel, trouwt met Ruth en redt haar van de armoede. Hun achterkleinzoon David, een onbetekenende herdersjongen, wordt tot koning gezalfd. Ook dat speelde zich af in Bethlehem. In de profetenboeken wordt deze stad aangewezen als de geboorteplaats van de verlosser. Dat gebeurde allemaal in een plaats die je vandaag gewoon op de kaart kunt aanwijzen, en die je ‘gewoon’ kunt bezoeken.

Best kans dat je dit jaar Kerst als niet leuk ervaart. Minder visite, geen gezellige kring mensen om je heen. Veel ruzie in de samenleving. Misschien vond je Kerst toch al nooit echt fijn. Die gezelligheid vond je altijd al een dun laagje vernis. Hoe dan ook, het kan geen kwaad om even stil te staan bij wat er toen en daar is gebeurd. De dingen die werkelijk belangrijk zijn, gebeuren niet in het torentje in Den Haag, niet op de top van de G7, niet in voetbalstadions of op het erepodium van de Formule 1. Waar het echt om draait, gebeurt meestal achteraf. Op een dorsvloer, in een voederbak, in een uithoek. Waar mensen echt om elkaar geven. Dat kan in een paleis zijn, maar net zo goed in een rijtjeshuis in een baggerdorp. Daarom is het Kerstverhaal een teken van hoop. Juist in deze donkere tijd van polarisatie mag iets doorbreken van het licht van de andere wereld. Jezus zette zijn leven op het spel om ons te bevrijden van een armoedig leven. Je mag ontdekken dat je pas echt rijk bent als je om een ander geeft. Dit feest houdt de hoop levend, dat er ooit een dag komt dat het overal op aarde vrede zal zijn. Zelfs daar in en rond Bethlehem. Ik wens alle lezers van harte echte vrede toe. En een goed Kerstfeest.

[Geert van Dijk

advertentie