André zit vaak even op de kamer van Gideon om even door een foto-album te bladeren of te zorgen voor zijn vogel Mino.
André zit vaak even op de kamer van Gideon om even door een foto-album te bladeren of te zorgen voor zijn vogel Mino. Suzanne Heikoop | SHe Fotografie

André van Buuren: ‘Rouw komt steeds als een boemerang terug in mijn gezicht’

Mensen

SLIEDRECHT ,,Gideon was een heel mooi jong, een mensenmens. Hij bleef met iedereen in contact, was sportief en hield van gezelligheid. Thuis - Gideon was de vierde van onze vijf kinderen - was hij ook heel erg gezellig, ondanks dat hij vaak op pad was. En natuurlijk houd ik van al mijn kinderen evenveel, maar van hem werd iedereen blij. Hij was in ons gezin de verbinder en deed dat ook op lastige punten.” Aan het woord is André van Buuren (47), vader van de negentienjarige Gideon, die afgelopen zomer overleed na een ongeluk met een quad op het Griekse eiland Kreta. De dood van de jonge Sliedrechter sloeg niet alleen een gat in zijn gezin, maar ook in de Sliedrechtse gemeenschap, waar de mensen samen rouwden. Op de kamer van Gideon in het ouderlijk huis doet vader André zijn verhaal.


door Marjanne Dijkstra


,,Ik kom hier graag in zijn kamer. In de loop van de maanden is die leger geworden door de kinderen en vrienden die spullen hebben meegenomen. Vaak zit ik even te bladeren in een fotoboek, zorg ik voor zijn vogel Mino - Gideon hield ontzettend van dieren - of zit ik een tijd te huilen. Gideon stond midden in het leven. Hij zocht vanaf jongs af aan al de grenzen op. ‘Hij heeft een engeltje op zijn schouder’, zei een buurvrouw eens, toen ze hem weer langs de waterkant zag zitten kijken naar het water. Hij was toen pas drie en kon nog lang niet zwemmen. Fietsen naar school kon ook nooit normaal, stoepje op en stoepje af. Of een keer op vakantie in Kroatië. Hij was toen zestien en zag een groep Argentijnen bij een hoge rots van twintig meter hoog de zee in springen. Die gasten kwamen speciaal voor dat springen naar die plek en Gideon moest en zou meedoen. Of ik kreeg eens een appje toen ik met mijn dochter in de dierentuin liep. Een foto van Gideon bovenop de Watertoren met zijn armen wijd gespreid. Ik appte nog terug: ‘Ik mag lijden dat je weer beneden staat’. Ik kreeg een bevestigend berichtje en weer zijn eeuwige lach toen ik hem weer zag. Hij besprak ook veel met ons over wat hij deed en dat gaf rust. Natuurlijk hield ik wel mijn hart vast en maakte ik me wel eens zorgen, maar het was wie hij was, hij durfde álles. Op een paar botbreuken na, ging het eigenlijk altijd goed.”


Het was een cadeautje om negentien jaar zijn vader te mogen zijn 

VERSLAGEN ,,Tot die ene dag in juli vorig jaar dus. Hij was met een groep van achttien jongeren op vakantie. Het waren in feite een paar vriendengroepen die samen op pad gingen. Hij wilde in die vakantie heel graag gaan quadrijden. Ik had dat persoonlijk liever dan andere gekke dingen op vakantie doen en Gideon hield van een uitdaging, het was geen überbrave Hendrik. We konden gelukkig altijd in gesprek blijven met hem. Ik vroeg hem hoe hij dat ging doen, christen-zijn op Kreta. Hij zei me dan: ‘Weet je wat pas moeilijk is? Elke dag christen-zijn. Ik houd van jou en ik houd van God, en dat gaat ook op Kreta lukken’. Het was de derde dag van de midweek die hij weg was en ze gingen lekker op pad met de quads. Hij had al twee jaar zijn rijbewijs en reed ook echt goed. Hoe het ongeluk precies is gebeurd, is niet duidelijk geworden en ik denk ook niet dat we daar ooit een precies antwoord op krijgen. We zijn inmiddels zelf op Kreta geweest, ze rijden daar heel anders en ik kan me indenken dat een ongeluk makkelijker gebeurt. Ik weet van de jongens die er bij waren dat hij binnen vijf minuten in de ambulance lag. Het ongeluk gebeurde rond vier uur ‘s middags lokale tijd - het is daar een uur later - en om tien uur ‘s avonds hoorde ik het. Via via sijpelden vanaf negen uur die avond al berichten binnen en ik heb toen lopen ijsberen door de woonkamer. Mijn vrouw was werken, onze dochter was ook thuis en ik wilde niemand voor niets in paniek maken. In mijn hart voelde ik het al: hij is dood. Er werd aangebeld en gevraagd of ik de vader van Gideon was. ‘Je komt me vertellen dat mijn zoon dood is, hè?’, vroeg ik hem. Hij kon alleen bevestigend antwoorden. Op dat moment schoot ik in een beroepsmatige regelmodus, ik werk als IC-verpleegkundige in het ziekenhuis. Ik heb mijn vrouw en andere kinderen gebeld en had hen huilend, gillend en zwijgend aan de telefoon. Ik heb de buren gevraagd of ze me wilden helpen, ik kon er niet goed genoeg zijn voor onze dochter. Al onze kinderen kwamen die avond naar hier, we waren verslagen en kapot samen. Ik heb die avond zo vaak herhalend gezegd en gebeden ‘mijn kind, oh God, mijn kind…’.”


DANKBAAR
,,Gideon kwam niet meteen naar hier. Op woensdag overleed hij en op dinsdagavond landde hij in Nederland. Onze oudste zoon Job is in de tussentijd naar Kreta gereisd om zijn broer te zien, met zijn vrienden te spreken en de plekken te bezoeken die Gideon die dagen had bezocht. We hadden veel bezoek die dagen en lasten ook een dag rust in. Ook toen Gideon hier was, kwamen enorm veel mensen hem hier voor het laatst bezoeken. Dat vonden we fijn, want Gideon was niet alleen van ons. We hebben met al die mensen gesproken, gelachen en gebeden. Het was intensief, met veel pijn en verdriet. Per dag vielen we een kilo af. Het waren de zwaarste dagen uit mijn leven. De uitvaart was mooi, met de dienst en condoleance in de Grote Kerk. Met het scherm op het plein voor het Raadhuis waar nog eens heel veel mensen de dienst volgden. Met de stoet door het dorp richting de begraafplaats met al die mensen. Ik ben ontzettend dankbaar voor de Sliedrechtse gemeenschap en ook de kerkelijke gemeenschap die zo met ons meeleefden en nog steeds meeleven. Maar toen, in die stoet achter Gideon aan, kon ik alleen maar denken ‘ik kan hem nooit meer knuffelen, nooit meer zien lachen en ik loop nu voor de laatste keer achter mijn kind aan door het dorp’. Dat was verschrikkelijk zwaar.”


CADEAUTJE ,,Je krijgt rouw niet cadeau en je doet het allemaal op je eigen manier. Natuurlijk raak je elkaar wel eens kwijt, maar dan denk ik weer aan Gideon, onze verbinder. Er zijn ook goede dagen. Dan heb ik bijvoorbeeld een hele fijne dienst gehad op mijn werk. Dan ben ik even blij, maar vrijwel meteen denk ik erachter aan ‘ja allemaal leuk, maar mijn kind is dood’. Als een boemerang komt de rouw steeds weer terug in mijn gezicht. Ik denk dat ik dat altijd zal houden. Toen we zelf in november op Kreta waren kon ik helemaal voor me zien hoe Gideon springend dat vliegtuig was uitgegaan. Op de terugweg had ik dat helemaal niet meer. Wij zaten in een stoel en hij ging terug als ruimbagage. Dat we nog steeds overweldigend veel steun krijgen uit de Sliedrechtse gemeenschap helpt enorm. Niet alleen ik denk nog aan mijn kind. Steeds als ik bij zijn graf ben, brandt er wel een kaarsje, en dat heb ik dan niet aangestoken. Pas stonden er op zaterdagmiddag toen ik kwam aanlopen twaalf jongens bij zijn graf. Om half 5 op zaterdagmiddag! Dat maakt me blij en dankbaar. Natuurlijk is het verdriet zwaar en doet het vaak fysiek pijn om hem te moeten missen, maar hij was een cadeautje. Het was oprecht een cadeau om negentien jaar zijn vader te mogen zijn.”

advertentie